Is een boek niet ouderwets?

Is een boek niet ouderwets?

In een tijd waarin informatie snel, visueel en hapklaar wordt aangeboden, kan het schrijven van een boek al snel aanvoelen als iets groots en misschien zelfs niet meer van deze tijd. De wereld beweegt zich in korte video’s, snelle inzichten en directe antwoorden. Aandacht is schaars en wordt voortdurend verdeeld. Waarom zou je eigenlijk nog een boek schrijven?

 

Hoe we informatie zijn gaan consumeren

Als ik kijk naar hoe mijn eigen kinderen informatie tot zich nemen, dan zie ik een wereld die fundamenteel anders is dan die waarin boeken vanzelfsprekend waren. Alles duurt korter, gaat sneller en is directer. Informatie wordt niet per se lineair, maar vooral gefragmenteerd gedeeld. Dat betekent niet dat kennis minder belangrijk is geworden. Integendeel. Maar de manier waarop die kennis wordt aangeboden en geconsumeerd, is veranderd.

En ik kan me voorstellen dat, juist omdat zoveel informatie vluchtig is, de behoefte aan samenhang groeit. Aan verdieping. Aan een verhaal dat niet uit losse flarden bestaat, maar ergens naartoe werkt. Die behoefte herken ik ook bij mezelf. In een wereld waarin iedereen iets kan maken en beweren, merk ik dat ik steeds bewuster kies voor bronnen die zijn doordacht en gewogen. Kwaliteitskranten, langere artikelen, journalistiek waarin iets wordt uitgezocht in plaats van alleen gedeeld. Een goed geschreven boek past voor mij in datzelfde rijtje. Een boek dwingt tot die samenhang. Tot keuzes. Tot het ordenen van wat je weet en wat je wilt overbrengen. En daarmee vervult het een rol die korte content niet kan overnemen.

 

Het boek is veranderd

Dat betekent niet dat een boek hetzelfde is gebleven. De boeken die ik, veelal met ondernemers, schrijf of redigeer, bestaan zelden nog alleen uit papier. Ze bevatten verwijzingen, verdiepingen en vrijwel altijd QR-codes die leiden naar video’s, gesprekken of aanvullende uitleg. Het boek is daarmee geen eindpunt, maar een ingang.

Daarnaast zie ik dat lezen zelf verandert. Via platforms als Storytel wordt luisteren en lezen gecombineerd. Tijdens het sporten of autorijden luister je, ’s avonds op de bank of in bed lees je verder. De vorm beweegt mee met het moment. Een boek is daarmee geen statisch product meer, maar onderdeel van een groter geheel.

 

Overal altijd schrijven

En niet alleen het boek en het consumeren ervan is veranderd, dat geldt ook voor de manier waarop het tot stand komt. Het beeld van schrijven aan een laptop, turend naar je scherm, past niet meer bij de manier waarop vandaag de dag ideeën en verhalen ontstaan. We zijn immers onderweg, op allerlei manieren in beweging en online en offline in gesprek. Inzichten dienen zich zelden aan op het moment dat je ervoor gaat zitten, maar juist tussendoor.

Dat vraagt om een andere manier van werken. Vastleggen begint niet bij een leeg document, maar bij aandacht. Bij het serieus nemen van ideeën op het moment dat ze ontstaan. Een inzicht onderweg, een gedachte na een gesprek, een observatie tijdens een project. Dat zijn  vaak de momenten waarop iets ontstaat dat het waard is om te bewaren. Niet alles hoeft meteen uitgewerkt te worden. Maar wat niet wordt vastgelegd, verdwijnt vaak uit beeld onder invloed van de enorme hoeveelheid prikkels die we dag in dag uit te verwerken krijgen.

En natuurlijk komt er dat moment waarop je al je notities, spraakberichten en andersoortige krabbels verwerkt tot een groot geheel. Of vul je, zoals ik mijn boeken schrijf, de structuur die je vooraf opzette, met de juiste fragmenten op de juiste plek. Dat moment achter die laptop komt er, hoe dan ook. Maar hoe rijk voelt het als je kunt putten uit tal van ingevingen die je samen kunt voegen tot een logisch verhaal.

 

Het echte antwoord op de vraag

Dus is een boek ouderwets? Misschien alleen als je het ziet als een statisch eindproduct. Maar als je het bekijkt als een manier om kennis te ordenen, vast te leggen en door te geven, is het actueler dan ooit. Niet ondanks de snelheid van deze tijd, maar juist daardoor.